|
Bij de zandbak, in de tobbe
Jan Lievensstraat, 68. Tussen de schildersbuurt
en de diamantbuurt. Ik ben geboren op een
belétage, waarheen een hardstenen trap voerde.
Onder ons woonde de familie Bohte, bevriend.
In de oorlog zorgden Jeanne en Wim ervoor dat
ik goed te eten kreeg. En ik speelde graag met
hun eerste dochter: Atie. Een stukje jonger dan
ik, als ik me goed herinner, van hetzelfde jaar.
Er was een zandbak in hun tuin. Onder de
appelaar. Later kreeg ik daar een eigen reepje
aarde. Er rijpten aardbeitjes. Ook zat ik er in bad.
In een deugdelijke tobbe.
Twee foto's getuigen. Tekenen wijzen er op dat
ze zijn genomen in de zomer van 1941. Hetgeen
betekent dat ik drie zou zijn. Redelijk volwassen,
voor die leeftijd dunkt me. Misschien is het
toch wel in een later jaar.
Bij alle vriendschap waren er fikse verschillen.
In geloof, bijvoorbeeld. Bij de Bohthes hing
een Roomskatholieke Christus aan de wand,
compleet met elektrisch kaarsje. Wíj hadden
gemengde ouders, in dit opzicht: Luthers en
Nederduits Hervormd. Soms braken tussen
Adrie en mij godsdiensttwisten uit, met name
als ik beneden logeerde. Dan riep ze me fel
toe: "Vuile Heiden", of ook wel "Vuile Ketter".
Ik riposteerde prompt met "Vuile Paap".
Er werd altoos vrede gesloten.
Met dank aan Miecke en Willem Kau, die tegenwoordig golfen met Adrie
(Tenniglo - Bohte) en haar man Guus. Willem drukte de foto's af.
|